Werkstress scan 2025: cijfers, oorzaken en de rol van de OR
Aandacht voor werkstress is belangrijk. Uit de factsheet werkstress 2025 van TNO, gebaseerd op de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), valt op te maken dat 1,7 miljoen (!) van de werkenden in Nederland last van burnout-klachten heeft. Dit is bijna 20% van de beroepsbevolking.
Als oorzaken worden genoemd: een lage autonomie (42% van de werknemers), hoge taakeisen (32%), conflict met collega of leidinggevende (27%), te maken hebben met een vorm van ongewenst gedrag (17%), stressvol werk (16%) en een hoge emotionele belasting (9,1%). 38% van de medewerkers vindt dat er maatregelen genomen moeten worden tegen werkstress. De totale kosten voor verzuim wegens psychosociale arbeidsbelasting bedragen 1,6 miljard euro. Cijfers die de noodzaak voor een aanpak van voorkomen van werkstress dubbel en dwars onderstrepen.
Ook in 2025 is de werkstress scan van SBI Formaat weer uitgezet tijdens de Week Zonder Werkstress. Op basis van de antwoorden zien we een beeld ontstaan op individueel, team- en organisatieniveau. In deze blog kijken we hierbij naar opvallende zaken uit de werkstress scan. En, belangrijker nog, welke rol kun je hierin pakken als OR of VGWM-commissie?

Resultaten op individueel niveau
Medewerkers zijn trots op het werk dat zij doen waarbij zij verbondenheid ervaren met de ambities van de organisatie. Dat blijkt uit de hoge scores hiervoor (respectievelijk 98,6% en 90,5%). Ook ervaren zij dat hun kwaliteiten en talenten goed benut worden in hun werk (89,2%). En indien nodig weet 82,4% bij wie ze terecht kunnen als ze hulp nodig hebben (bijvoorbeeld leidinggevende, HR en vertrouwenspersoon).
Minder hoog scoort het ervaren van een goede werk-privé balans, 66,2%. Ook ervaart 59,5% digitale werkdruk door e-mail, chat of constante bereikbaarheid. In het kader van preventie is het dan ook belangrijk om afspraken te maken ter beperking van risico’s van psychosociale arbeidsbelasting, zoals het recht op onbereikbaarheid. Dit wetsvoorstel ligt nog bij de Tweede Kamer en het is onbekend of het ingevoerd gaat worden en wanneer. AI brengt ook nieuwe risico’s met zich mee, 41,9% ervaart dat de inzet van deze tools stress vermindert. Daarentegen ervaart 23% door AI onzekerheid over de veranderingen in de functie of de toekomst van hun werk.
Werkdruk, werkstress is een van de grootste risico’s voor werknemers in Nederland. Wat is het nu eigenlijk, wat zijn de risico’s van stress en hoe is werkdruk te beheersen en te voorkomen?
Tijdens de training Werkdruk te lijf! hoor je het allemaal en krijg je inzicht in de rol van de ondernemingsraad. Je leert hoe de OR het onderwerp binnen de organisatie bespreekbaar kan maken en er verder mee aan de slag kunt gaan.
Resultaten op teamniveau
Op het gebied van samenwerking ervaart 82,9% onderlinge steun en is er ruimte om fouten en overbelasting met elkaar te bespreken, meldt 74,3%. Realistische inschattingen van de hoeveelheid werk bij het starten van een project, komt er bekaaid af. 32,9% ervaart dat de inschattingen realistisch zijn. Het ligt voor de hand dat dit in negatieve zin bijdraagt aan de ervaren werkstress. Een duidelijke verdeling van de taken en verantwoordelijkheden helpt hierbij, maar dat is slechts bij 52,9% het geval . Ook opvallend is dat teams regelmatig niet toekomen aan het evalueren van het functioneren van het team, 38,6% bespreekt dit regelmatig met elkaar. Ook werkplezier en werkstress worden slechts bij 32,9% tijdens werkoverleggen besproken. Dat is jammer, want juist het werkoverleg is een belangrijke en voor de hand liggende plek dit te bespreken. De OR heeft de wettelijke taak om werkoverleg te stimuleren en werkplezier én werkstress zijn goede agendapunten voor dit overleg.
Resultaten op organisatieniveau
Aandacht voor werkstress is belangrijk voor preventie van verzuim maar ook voor het binden en boeien van medewerkers. Helaas wordt in 40,3% van de organisaties de oorzaken van werkstress actief onderzocht en neemt (maar) 35,8% concrete maatregelen om ongezonde werkstress te voorkomen. 77,6% geeft aan dat de organisatie voldoende ruimte biedt om zelf je werk en persoonlijke ontwikkeling in te richten. 67,2% ervaart dat de organisatie en/of leidinggevende ruggensteun biedt als zij hun werk willen aanpassen aan hun wensen. 35,8% ervaart dat de organisatie ondersteuning biedt bij digitale overbelasting zoals een bereikbaarheidsbeleid. De inzet van AI wordt steeds omvangrijker, maar slechts bij 28,4% communiceert de organisatie over hoe AI wordt ingezet en wat dit betekent voor medewerkers.
Bovenstaande suggereert dat de aanpak van werkstress vooral bij de werknemer wordt gelegd. Deze heeft zeker ook een verantwoordelijkheid voor zichzelf en naar de organisatie toe maar concrete maatregelen genomen door de organisatie zijn onontbeerlijk. Dat mag ook verwacht worden van de werkgever op grond van artikel 7:611 van het Burgerlijk Wetboek die op grond van goed werkgeverschap regelt dat werkgever zorg draagt voor een veilige werkomgeving. Daarnaast verplicht de Arbowet de werkgever een veilige en gezonde werkomgeving te creëren waarbij er ook aandacht is voor het voorkomen of beperken van negatieve stress ervaren door Psychosociale Arbeidsbelasting. Naast werkdruk vallen hier ook pesten, (seksuele) intimidatie, discriminatie en agressie & geweld onder.
Psychische klachten zijn de belangrijkste oorzaak van (langdurig) verzuim en arbeidsongeschiktheid. Het is daarom van belang dat beleid rond het terugdringen van ongewenst gedrag en werkdruk (psychosociale arbeidsbelasting) hoog op de prioriteitenlijst staat van een organisatie. Meer hierover in de training Psychosociale Arbeidsbelasting en de rol van de OR.
De rol van de OR/VGWM-commissie
Aandacht voor de oorzaken van werkstress zijn belangrijk. Op deze manier kunnen er maatregelen worden genomen om de risico’s te beperken. Maar ook aandacht voor energiebronnen is belangrijk zoals ondersteuning, feedback en autonomie. De volgens de Arbowet verplichte risico- inventarisatie en evaluatie (RI&E) is bij uitstek een instrument, waarbij alle oorzaken van arbo-risico’s in kaart gebracht worden. In dit geval gaat het om de verdiepende RI&E psychosociale arbeidsbelasting (PSA), waarbij de risico’s op het gebied van werkdruk, pesten, (seksuele) intimidatie, agressie en geweld uitgebreid en concreet in kaart gebracht moeten worden. Ook achterliggende oorzaken (grondoorzaken) moeten goed in beeld worden gebracht.
Een verdiepende RI&E (opgesteld na juli 2022) moet worden getoetst door een gecertificeerde arbo-kerndeskundige: de arbeids-en organisatiedeskundige. Een RI&E is niet compleet zonder plan van aanpak.
De OR of VGWM-commissie heeft instemmingsrecht op de wijze waarop de RI&E wordt uitgevoerd en op het plan van aanpak. Hiermee heeft de OR/VGWM-commissie dus een invloedrijke rol als het gaat om de aanpak van werkstress!
Geschreven door Peter Langedijk, trainer/adviseur expertiseteam Arbeid & Gezondheid.

