Vergadering artikel 24 OR SBI Formaat

“We gaan die man eens goed de waarheid zeggen.”  Vastberaden kondigen een aantal OR-leden dit voornemen voor de artikel 24 vergadering aan. Daarbij zullen zowel de directie en HR als de voorzitter van de Raad van Commissarissen en de voordrachtscommissaris aanwezig zijn. De gemoederen bij de voorbereiding door de OR lopen echter hoog op.

De OR is verdeeld over de eigen opstelling tijdens dit halfjaarlijkse overleg. Er speelt op dit moment veel in de organisatie en niet alleen in positieve zin. Aan de ene kant is de omzet, gelukkig, het afgelopen jaar fors gestegen. Maar aan de andere kant heeft dat veel gevolgen voor de interne werkprocessen en de druk op de individuele werknemers. Het percentage flexibele krachten is op een aantal plekken tot over de 30 gestegen. Bovendien kan de bezetting per week wisselen. Dat legt een grote druk op de vaste medewerkers die iedere keer nieuwe mensen moet inwerken.  Daardoor dreigt de kwaliteit her en der ook in het gedrang te komen. 

De vreugde om het binnenhalen van orders is begrijpelijk. Maar het afbreuk risico is groot als er niet eerst gecheckt wordt  of en hoe dit binnen de werkprocessen zowel qua inhoud,  tijd als gekwalificeerde werknemers ingepland kan worden. De OR heeft inmiddels een werkdrukonderzoek laten doen. De resultaten liegen er niet om. Op een aantal plaatsen zijn mensen aantoonbaar overbelast en is de rek eruit. Maar als de OR het rapport met directie en HR wil bespreken wordt dit min of meer weggewuifd. Twee jaar geleden was de toekomst van het bedrijf nog onzeker. Niet zeuren dus is nu het commentaar van directie en HR. En daar vloeit de woede van de waarheid uit voort vertellen de OR-leden. Op zich goed te begrijpen om hier in de art. 24 vergadering aandacht voor te vragen.  Maar het risico om als  “ontevreden club” weggezet te worden is bij een emotionele opstelling groot. Mensen kunnen zich dan aangevallen voelen en dan bereik je niets. Strategisch handelen door bijvoorbeeld de voordrachtscommissaris in een OR-vergadering uit te nodigen en daar het werkdrukonderzoek mee door te praten, wel.  Als de toezichthouder zo  kennis krijgt van wat er echt op de werkvloer speelt, kan er een inhoudelijke discussie op gang komen. En voor de goede orde: de OR mag ieder lid van de Raad van Commissarissen uitnodigen.

Tineke de Rijk
Trainer/Adviseur